zelfreinigend vermogen van de natuur
Het zelfreiningend vermogen van de natuur is de benaming voor het verschijnsel dat de natuur meestal in staat is om afvalproducten zelf op te ruimen. Rivieren, meren en zee kunnen een groot deel opvangen. Daarvoor hebben ze een zekere buffer, waardoor schade beperkt blijft. Maar als er sprake is van een heel grote hoeveelheid afval kan het systeem het niet meer verwerken. Meestal is dat het gevolg van menselijke activiteiten en gewoonten.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
