Husserl

Edmund (1859-1938) Duitse filosoof, grondlegger van de fenomenologie. Hij begon met zich af te vragen wat de status is van de logische en wiskundige waarheden en concludeerde dat deze niet empirisch noch psychologisch kunnen worden gefundeerd. Ze vormen een geheel eigen, zelfstandig domein, waar we naar verwijzen als we een uitspraak doen. Zo komt Husserl tot de gedachte dat er onafhankelijk van onze psyche en van de zintuiglijke objecten een zelfstandige, ideële wereld bestaat. We kunnen deze ideële wereld alleen benaderen door een onmiddellijk, intuïtief schouwen (Wesensschau). De fenomenologische methode nu levert de instrumenten om tot het zuivere wezen van de dingen door te dringen. Het belangrijkste instrument is het 'tussen haakjes zetten' (fenomenologische reductie), het buiten beschouwing laten van bepaalde elementen van het onmiddellijk gegevene. In de eerste plaats moet men zich onthouden van een eigen oordeel over de zaak (epoche) en in de tweede plaats moet men afzien van het bijzondere individuele bestaan van de zaak. Husserl heeft in zijn werk talrijke voorbeelden gegeven van een dergelijke benadering. Zijn methode vond in de twintigste eeuw veel weerklank: veel denkers, onder anderen Scheler, Heidegger en Sartre hebben haar in hun filosofie toegepast.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Welke kunstenaar behoorde niet tot de Cobragroep?


JUIST!NIET JUIST!

Kees van Dongen

tapijt van Bayeux

In de tweede helft van de elfde eeuw (na de slag bij Hastings,1066) geborduurd wandkleed (ten onrechte tapijt genoemd) van 70 meter lang en 50 cm hoog. Het beeldt de voorbereiding uit voor de overtocht naar en de verovering van Engeland door hertog Willem van Normandië. Op het wandkleed zien we hoe de Engelse graaf Harold een eed van trouw zweert aan hertog Willem, die echter zelf zijn zinnen op Engeland gezet had.
Harold liet zich niettemin tot koning kronen. Dus verbrak hij zijn eed. Overduidelijk wordt op het kleed getoond hoe deze eedbreuk door God gestraft wordt: Harold wordt bij Hastings door Willem verslagen en sneuvelt.
Over het ontstaan van het kleed is weinig bekend, vroeger dacht men dat Willems echtgenote, Mathilda, de opdrachtgeefster was; tegenwoordig ziet men Odo, bisschop van Bayeux en halfbroer van hertog Willem, als de degene die het initiatief nam, overigens zonder harde bewijzen. Het borduurwerk is zeer levendig en geeft bovendien allerlei interessante details over het leven van de elfde- eeuwse krijgers (ridders). (PL)