Popper
Karl (1902-1994) Engelse filosoof van Oostenrijkse origine. Hij was aanvankelijk gelieerd met de Wiener Kreis en deelde daarmee de belangstelling voor de wetenschapsfilosofie. Hij was met name geïnteresseerd in een criterium om wetenschap van pseudo-wetenschap te onderscheiden. Hij ontwikkelde uiteindelijk het principe van de falsificatie: alleen die hypotheses en theorieën kunnen als wetenschappelijk worden toegelaten die op een zodanige manier zijn geformuleerd dat ze gefalsifieerd kunnen worden. De uitspraak 'alle zwanen zijn wit' is wetenschappelijk omdat ze door de ontdekking van één zwarte zwaan gefalsifieerd kan worden.
Behalve op het gebied van de wetenschapsfilosofie bewoog Popper zich op dat van de politieke filosofie. Hij was een fel bestrijder van alle vormen van historisme in de filosofie, de pretentie dat er zoiets is als een blauwdruk van de geschiedenis. Het gevolg van een dergelijke overtuiging is dat zich altijd figuren zullen opwerpen die voorgeven de kennis in pacht te hebben en zich op grond daarvan dictatoriale privileges toe-eigenen. Poppers kritiek spitste zich toe op Plato, Hegel en Marx, de kampioenen van het historisme. Daarvoor in de plaats breekt hij een lans voor de 'open samenleving', waarin het uiten van kritiek op de politieke leiders niet alleen wordt toegestaan maar zelfs gestimuleerd en waarin die kritiek niet alleen wordt getolereerd maar ook tot veranderingen leidt, eventueel zelfs tot afzetting van de leiders.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
