es
Oude bouwlandgrond, ontstaan door gemeenschappelijke ontginning door de dorpsbevolking, vaak omgeven door houtwallen om de oogst te beschermen tegen rondlopende schapen. Rundvee werd gehouden op groengrond (weiden rond een beek) en de schapen werden geweid op de gemeenschappelijke meestal wat hoger gelegen (heide) gronden, de marke. De omvang van de es was afhankelijk van de hoeveelheid mest die het vee produceerde; in de stallen werden heideplaggen gelegd die na bemesting door de zandgrond geploegd werden.
Wie schreef het sprookje 'De nieuwe kleren van de keizer'?
gulden snede
Verdeling van een lijnsegment in twee delen, zodanig dat het kleinste stuk staat tot het grootste als het grootste tot het geheel. Wordt wel gezien als de ideale verhouding bij de toepassing van architectonische ontwerpen. Opvallend is hoe vaak gulden-snedeverhoudingen worden aangetroffen in als geslaagd gekenschetste bouwwerken.
Zie ook hoofdstuk Wiskunde en Beeldende kunst tot de Renaissance