Brezjnev
Leonid Brezjnev (1906-1982) Na de val van Chroesjtsjov in 1964 kwam in de Sovjet-Unie een driemanschap aan de macht: Podgorny, Kosygin en Brezjnev. De laatste ontpopte zich als de machtigste en verstrakte het communistische systeem, zowel in de Sovjet-Unie zelf als in andere door hen beheerste socialistische staten. Dit werd de Brezjnev-doctrine genoemd: de Sovjet-Unie behield zich het recht voor om in te grijpen, zoals inderdaad in Tsjecho-Slowakije (1968) en in Afghanistan (1979) bleek.
Brezjnevs verstrakking van de discipline ging gepaard met een verstarring van het verouderde economische apparaat, dat in productiviteit achterbleef. Na zijn dood volgde een onzekere periode door het vroege overlijden van zijn opvolgers Andropov en Tsjernenko. De perestrojka- en glasnost-politiek van Gorbatsjov brak met de lijn van Brezjnev.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
