Klassieke muziek

Zoals er waarschijnlijk door mensen altijd is gedanst is (zie bij hoofdstuk Dans) is er ook altijd muziek gemaakt. Dat blijkt uit reisverslagen van ontdekkingsreizigers die volkeren bezochten die geen kennis hadden van onze - moderne - beschaving. Er werd fluit gespeeld op bamboestokken, met luchtgaatjes erin. Er werd getokkeld op primitieve luiten. Die instrumenten evolueerden in de loop van de eeuwen tot de muziekinstrumenten die we nu nog kennen. En er werd gezongen. Muziek en zang klonken als er rituelen werden uitgevoerd bij een geboorte, de volwassenwording, het huwelijk, de dood. In heilige gebouwen, maar ook in een seculiere omgeving. Langzaam is zo de door mensen gemaakte muziek geworden tot de klanken die we nu nog horen in kerken, concertzalen, muziekgebouwen en bij mensen thuis. Of op het toneel waar een musical wordt opgevoerd. Of in een café waar jazzmuzikanten erop los improviseren. In dit hoofdstuk onderscheiden we drie soorten muziek. Klassieke muziek, Jazz en Populaire muziek. Bekende componisten worden genoemd en de uitvoerders van hun werken; beroemde dirigenten, pianisten, violisten en zangers - vroeger en nu.

Woorden en begrippen die algemeen gebruikelijk en bekend zijn, zoals big band of blues, staan hier niet in, evenmin als woorden die o.i. te specialistisch zijn, zoals scat vocal of walking bass. Maar wij staan open voor suggesties.

Deze begrippen zou je volgens ons echt moeten kennen.