vitaminen
Vitaminen vormen een groep van onderling nogal verschillende organische verbindingen die in kleine hoeveelheden voor de stofwisseling van mens en dier onmisbaar zijn en die worden gekenmerkt door het feit dat het lichaam ze niet zelf kan maken. Onderscheiden worden wateroplosbare en vetoplosbare vitaminen. Tot de eerste groep behoren het vitamine B‑complex en vitamine C. Tot de tweede de vitamines A, D, E en K. Vitamine D kan door het lichaam strikt genomen wel worden gemaakt, mits het pro‑vitamine D beschikbaar is. Vitamine K wordt door de darmbacteriën gemaakt en hoeft men dus niet met de voeding naar binnen te krijgen.
Vitamine A is noodzakelijk voor de functie van de staafjes in het netvlies van het oog, bij tekort ontstaat nachtblindheid.
Vitamine B is belangrijk voor de aanmaak van de cellen van het bloed en het zenuwstelsel.
Vitamine C, ascorbinezuur, bevordert de genezing van wonden en botbreuken; bij gebrek ontstaat scheurbuik.
Vitamine D speelt een rol bij de botaanmaak en is noodzakelijk ter voorkoming van rachitis (Engelse ziekte).
Vitamine K is onmisbaar bij de bloedstolling.
Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?
egocentrisme en egoïsme
Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.
