Blaise Pascal

(1623-1662) Deze Franse filosoof en wiskundige legde de grondslag voor de projectieve meetkunde, en voor de waarschijnlijkheidstheorie. In 1640 publiceerde hij op 16-jarige leeftijd een pamflet over kegelsneden, met daarin o.a. zijn beroemde Hexagonale Stelling over Kegelsneden: neem  zes punten A, B, C, D, E, F op een ellips-omtrek. Dan liggen het snijpunt van de lijn AB met de lijn DE, dat van de lijn BC met de lijn EF en dat van de lijn AF en de lijn CD op één rechte lijn. Verder ontwierp hij o.a. een mechanische rekenmachine en is hij bekend om de zogeheten Driehoek van Pascal uit het Binomium van Newton, een pyramide van getallen. die allerlei combinatorische  bijzonderheden bevat. Rond 1656 stopte hij met wiskunde om zich verder geheel met godsdienstig-filosofische bespiegelingen te gaan bezighouden.

Zie ook Blaise Pascal in het hoofdstuk Filosofie.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie was de eerste Nederlandse vrouw die arts werd en aan de universiteit promoveerde?


JUIST!NIET JUIST!

Aletta Jacobs

egocentrisme en egoïsme

Twee persoonlijkheidseigenschappen die door anderen als onplezierig en onaangenaam worden ervaren.
Bij egocentrisme is het alsof de persoon zich niet wil en kan verplaatsen in de gedachten, gevoelens en belangstellingen van de ander. Alles wat gebeurt wordt uitsluitend gezien vanuit het ik, waarbij de eigen belangstellingen en belangen de waarneming beheersen en de communicatie met anderen eenzijdig kleuren.
Bij egoïsme wil de persoon zichzelf telkens bevoordelen, ook als dat ten koste van anderen gaat. De egoïst denkt zo min mogelijk aan de belangen en behoeften van anderen, ook als hij of zij dat wel kan. De egoïst haalt naar zich toe en geeft niet om of aan de ander.
Egocentrisme is een eigenschap van het waarnemen en denken, egoïsme van het handelen.