graad

1. Eenheid waarin de grootte van een hoek wordt uitgedrukt: een rechte hoek telt 90 graden.

2. In de algebra: de hoogste macht waarin de veranderlijke in een vergelijking voorkomt; men spreekt van tweedegraadsveelterm, derdegraadsveelterm, enzovoort.
Bij temperatuur- en intensiteitsmetingen heeft 'graad' een andere betekenis.

Quizvraag v/d week

Woord v/d week

Meest gezocht deze week

Wie is de componist van de opera De barbier van Sevilla?


JUIST!NIET JUIST!

Gioacchino Rossini

verzuiling

Aanduiding voor het verschijnsel dat in Nederland tot in de jaren zestig het maatschappelijk-politieke leven werd geregeld door organisaties met verschillende ideologisch-levensbeschouwelijke opvattingen. Protestants-christelijke, Roomskatholieke, socialistische, algemeen humanistische. Zij werden 'zuilen' genoemd en omspanden bijna het hele leven: onderwijs, vakbond, media, politieke partij) en vrijetijdsbesteding. De term zuil duidt zowel op de bemoeienis van begin (onder) tot eind (boven) – van wieg tot graf – maar ook op het feit dat de zuilen samen het politieke gebouw droegen. Er was immers wel sprake van samenwerking en coalities tussen de verschillende organisaties. Vooral door secularisatie brokkelden de zuilen af.

De 10 meest gezochte woorden en begrippen van de afgelopen week

  1. mektab
  2. dunya
  3. Psyche
  4. evenaar
  5. Thomas Kuhn
  6. paradigma
  7. structuralisme
  8. Afrodite
  9. ethiek
  10. podcast